Moeder Leontine stuurt haar kind graag op Sterkamp

Het liefst elk jaar kamp voor Kris

Interview met Leontine, moeder van Kris

Het valt meteen op dat het gezellig is in het huis waar Kris met haar moeder, zus en vader woont. Leontine, de moeder van Kris, staat glimlachend voor de deuropening en verwelkomt me met een ontspannen hartelijkheid. De kinderen zijn op school. Binnen heerst er bezigheid. Met een kop thee gaan we aan tafel zitten. Vorig jaar juli is oudste dochter Kris mee geweest op Sterkamp. En dit jaar gaat haar jongst ook voor het eerst. Met haar snelle stem zijn de enthousiaste woorden bijna niet bij te houden.

“Ik ben echt dolenthousiast over de kampen. Ik kan het iedereen aanraden. Ik had al een leuk kind, maar heb er een nog zoveel leuker kind door teruggekregen. Dat is echt onvoorstelbaar. Kris wordt bijna 10 en gaat eind april weer op kamp, maar ditmaal maankamp.”

Waarom vond je het een goed idee dat Kris meeging op Sterkamp?
“Nou, ik vond haar zelfvertrouwen wat aan de lage kant. Ze was een beetje meeloperig met haar vriendinnen. Dat vond ik zo jammer. Ik vroeg haar wat ze zelf vond en toen zei ze ‘ja ik vind het ook wel zo’. Toen kwam De Ster voorbij op Facebook en ben ik het eens gaan lezen. Ik had echt zoiets van dít is echt heel leuk. Zodoende hebben we de intake gedaan en haar voor een week uitgezwaaid.
We hadden best wel vaak woorden en onenigheid. Vaak deed ze bijvoorbeeld als ik zei dat ze moest opruimen haar armen over elkaar en zei ze ‘Nee!’ En ik moet altijd alles opruimen hier!’. Weet je wel, van die dingen waar ik mezelf overigens duidelijk in herken van vroeger. - Leontine lacht- en dat wilde ik eruit krijgen. Ik weet van mezelf hoeveel last ik heb gehad van zo’n negatieve houding, van de manier van communiceren met anderen. Tegenwoordig kun je gewoon leren hoe je dat op een goede manier kunt doen en ik heb dat vroeger nooit geleerd. Ik wou dat er vroeger Sterkamp was geweest en dat mijn moeder mij daarop had gedaan. Daar had ik zoveel baat bij kunnen hebben.

“Ik dacht voor Kris dat Sterkamp haar misschien zou helpen om dingen duidelijker te kunnen zeggen en dat ze niet altijd gelijk nijdig hoeft te worden. Ze had een soort patroon ontwikkeld en dat was geen leuk patroon. En toen kwam ze van kamp terug…Ja, ik vind het bewonderenswaardig hoe anders zij erin staat op dit moment. Ze zit ontzéttend goed in haar vel en ze kan zich zoveel beter uitdrukken. Nu pakt ze het bijvoorbeeld zo aan: “Pap, van de week zei jij iets en dat vond ik eigenlijk niet zo leuk”. Dat zou ze voorheen nooit gezegd hebben. Dan kropte ze het op voor een paar weken en dan kwam het er in één keer uit, als een soort vuurbal. Ze heeft op Sterkamp gewoon een nieuwe manier geleerd en die manier wist ik zelf ook niet en kon ik haar daarom ook niet leren”.

Waarom stuurde je haar niet naar een psycholoog of naar een losse sociale vaardigheidstraining?
“Ik vond haar problematiek niet zo heftig dat ze naar een psycholoog zou moeten. De kracht van Sterkamp is dat alles zo spelenderwijs en positief wordt gebracht. En dat de kinderen volledig uit de context worden getrokken en nieuwe vriendjes en vriendinnetjes maken.”

En vond ze het leuk om te gaan?
“Ja we hebben de site bekeken en gelezen, filmpjes gekeken en alles aan haar uitgelegd. Ze was totaal niet bang, zo’n kind is ze ook niet. Ze vindt het niet eng om vijf dagen zonder mij te zijn. Ze moesten vorig jaar in een tent maar dat was ook allemaal geen probleem. Wat dat betreft is het eigenlijk een heel makkelijk kind. Alleen met haar emoties had ze problemen. Goh, ik kan me eigenlijk niet eens meer herinneren hoe ze was. Haar zelfbeeld is zo enorm verbeterd.

Hoe was het voor jou om je kind zo te zien opbloeien?
“Ja, dat is het enige nadeel wat ik heb kunnen vinden: er is niet zoveel voor de ouders. Je krijgt voorlichting. Maar ik kreeg zo’n ander kind terug dat ik niet wist wat ik ermee moest. Bijvoorbeeld dan ging mijn jongste treiteren met ‘ ik ben lekker naar de film geweest deze week’. En normaal zou Kris dan gereageerd hebben met ‘oh en ik mag toch ook naar de film’. Maar nu zei ze:’ Oh, wat leuk voor je. Was het leuk?’. Dus mijn jongste kreeg haar ook in vervolgpogingen niet op de kast en die raakte daar van slag van. Een keer werd ik door Kris in de auto  berispt omdat ze vond dat ik te hard reed, waarop ik uitlegde dat die andere auto te langzaam reed. In plaats van met me te gaan rellen, zei ze ‘mama, daar heb je helemaal gelijk in’. Ik wist niet hoe ik met die positiviteit moest omgaan. Moet ik daar dan niks op zeggen en gewoon maar laten gaan, of moet ik dat juist dat belonen?

Toen ik een paar maanden geleden vroeg of ze op maankamp wilde, riep ze meteen “jaaaaaaaa!!!!’. Ik vroeg haar waarom ze dat wilde en antwoordde ze ‘nou, dan krijg ik weer een ander boek en dan wordt het nóg meer uitgebreid met wat ik de vorige keer heb geleerd’. Volgend jaar zit ze in groep zeven en dat is een heel belangrijk jaar en daarom  hebben we erover gesproken om volgend jaar weer op kamp te gaan. Want dan zit ze nog lekkerder in d’r vel. Maar gelukkig kun je maankamp wel twee keer doen. En in groep acht kan ze naar Sterk ID. Ik zie gewoon wat kamp voor haar doet en gun haar ieder jaar zo’n kamp. Laatst vroeg ik wat ze later wil worden en antwoordde ze: ’Ik wil later bij De Ster werken’. Boven heeft ze zelfs een altaartje gemaakt voor De Ster. Het is echt zo leuk en ik kan niet wachten totdat m’n jongste ook gaat! [schaterlacht]”.

Tekst- Chulah Berkowitz