vrijwilliger Mattijs vertelt op sterkamp

Op kamp magie creëren

Mattijs Franken is 29 jaar en is tot nu toe zes keer mee geweest op kamp, één keer op Sterkamp en vijf keer op Stay Strong. De laatste twee keer was hij mee als Hoofd Organisatie. Een belangrijke functie die niet door iedereen zomaar ingevuld kan worden. Voor Mattijs lijkt de rol te zijn geschreven.

Hoe was het om mee te gaan als Hoofd Organisatie in plaats van als begeleider?
“Ik hou ervan om overal bij betrokken te zijn en als hoofd mag je keuzes maken over de structuur van het kamp. Ik hou van overzicht en ik kijk graag naar de groepsprocessen. Je moet goed aanvoelen wat de groep nodig heeft. Wat speelt er? Hoe kunnen we creatief zijn met alle mensen die mee zijn; hoe zet je ieder zijn talenten in? Dat kan ook de mist ingaan. Goed praten met begeleiders, de kinderen, coaches en de psychologen is erg van belang. Als je dat goed doet, kun je magie creëren.”

“Ik herinner me één keer bijvoorbeeld dat er een superdruk moment was. Iedereen moest naar bed, maar het was te onrustig onder de kids om de overstap van dag naar avond te maken. Ik ben achter de piano gaan zitten en een rustig muziekje gaan spelen. Opeens ontstond er een heel serene sfeer en gingen de kids uit zichzelf hun tanden poetsen en pyjama aantrekken”.

Wat is jouw drive om mee te gaan op kamp?
“Mijn doel is dat iedereen met 1 vriendje naar huis gaat. Dat iedereen een positieve ervaring opdoet. Daarom ga ik op kamp! Iedereen heeft zijn rol en de mijne is om voor structuur en plezier te zorgen. Die structuur zorgt ervoor dat niemand zich druk hoeft te maken over wanneer je wat gaat doen. Dan is er ruimte om je bezig te houden met jezelf en anderen. Dat maakt dat je kunt groeien. Zowel als jongere als begeleider. 
Als hoofd stuur je de begeleiders aan. Degenen die meegaan zijn vaak autonome mensen en zijn gewend veel dingen zelf te regelen. Loslaten is dan soms wat lastiger, maar ze kunnen met mij sparren als ze ergens mee zitten.“

Niet iedereen kan vrijwilliger worden bij De Ster vind ik. Het vraagt drie dingen: ten eerste moet je goed zijn in ruimte geven en ruimte nemen. Ten tweede moet je goed contact kunnen maken en jezelf weg kunnen cijferen. En tenslotte moet je goed tegen te weinig slaap kunnen en het leuk vinden om met een groep andere vrijwilligers iets neer te zetten.”

Hoe was jouw eerste kampervaring?
“In augustus 2014 ging ik voor het eerst op kamp met De Ster. Ik vond het vet spannend! Ik kwam verslingerd terug. Ik heb nog niets ontdekt wat dat overtreft. Dat je in een week zoveel kunt meemaken….”

Kun je je nog een wauw moment voor de geest halen?
“Als de ouders terugkomen en de kinderen gaan weg. En je ziet dan in plaats van een timide groep kids een shining groepsgevoel. Dat is het meest bijzonder moment. En ook het moment daarna wanneer je even zonder kinderen alles heerlijk kunt overdenken….Even met elkaar ervaren wat je hebt neergezet en wat dat de kids en de ouders heeft opgeleverd.”

Wat doe je in het dagelijks leven?
“Tot voor kort werkte ik bij NS aan een vernieuwing en verbetering, in de rol van Programmamanager. Ik hield me veel bezig met verandering en innovatie van werkprocessen; als laatste die van treinmonteurs. Sinds 1 januari werk ik bij Frisse Blikken, een springplank voor jong ondernemerschap. Wij werken met 50 jonge mensen met een ondernemerschap bij bedrijven aan moderne uitdagingen. Omdat ik al wat werkervaring heb ben ik hier begonnen als Frisse Professional. Dat betekent dat ik complexere projecten en projecten waar meerdere collega’s opzitten uitvoer of begeleid. Op dit moment werk ik onder andere aan een project waarbij we kijken naar onderwijsvernieuwing en betere aansluiting op de veranderende arbeidsmarkt.”

Heeft De Ster invloed gehad op werk?
“Inhoudelijk niet echt, omdat ik niet met jongeren werk. In mijn persoonlijke ontwikkeling heb ik  heel veel aan De Ster gehad. Je werkt op kamp met kinderen, een kwetsbare doelgroep. Je mag dichtbij komen; de kinderen stellen zich kwetsbaar op.  Dat kan alleen als jij toestaat dat zij ook dichtbij jou mogen komen. Je moet jezelf ook heel raakbaar durven opstellen. Natuurlijk doe je niet alles goed, maar kun je dat ook toegeven? Van kinderen krijg je doorgaans veel directere feedback dan van volwassenen. Op kamp bevind je je als het ware in een pressure cooker: Jij moet tussen allemaal jongeren met verschillende achtergronden goed jezelf kunnen zijn. Je moet oprecht zijn. Je kunt geen nep gedrag laten zien: net doen alsof je vrolijk of enthousiast bent terwijl je dat niet bent. Je moet ECHT zijn, je moet het menen. In je werk kun je mensen nog wel eens voor de gek houden. Kinderen prikken daardoor heen.
Door die oefening van bij mezelf blijven, gaat het me in mijn werk makkelijk af om voor nieuwe groepen te staan. Het kost me minder energie en kan meer vanuit mijn kracht doen. Ik sta steviger in mijn schoenen. Je leert op De Ster verbinding te maken met anderen en jezelf.”

- Door Chulah Berkowitz