Strips

Met een vastberaden blik kijkt ze ons aan. ‘Wij kijken dus niet alleen naar de schoolresultaten, maar óók naar het kind zelf. En ja, Ravi is nu eenmaal niet zo’n onderzoekend kind.’ Er valt een stilte. ‘Want?’ vraag ik. ‘Hij leest dus graag strips’ antwoordt de juf. Ze kijkt erbij alsof ze ons zojuist heeft verteld dat Ravi graag in zijn neus peutert. 

Hét gesprek met de juf van Ravi waarin zij het voorlopig schooladvies voor Ravi aan ons mededeelt. Het schooladvies van de juf is bindend en hiermee bepaalt de juf dus op welke middelbare scholen Ravi zich kan inschrijven. En welke niet. De juf heeft ons zojuist verteld dat zij Ravi een schoolniveau lager inschat, niet vanwege zijn resultaten, maar vanwege zijn voorliefde voor stripverhalen.

Onder tafel voel ik de voet van mijn echtgenoot tegen mijn been tikken. In de verte hoor ik mijn eigen stem. Op een toon waarvan ik hoopte dat ik hem lang geleden afgeleerd had. Ik zie vlekken verschijnen in de nek van de juf. ‘Hoezo niet onderzoekend? Weet je hoeveel kennis je opdoet door het lezen van een Suske en Wiske, een Asterix en Obelix? En dat de woordenschat van kinderen die stripboeken lezen groter is dan de woordenschat van kinderen die dat niet doen? Ravi heeft een enorme woordenschat, laatst schold hij mij nog uit voor ongelikte beer, nou dat hoort ie echt niet van mij of zijn vader, maar ik hoor het Lambiek zó zeggen.’

Zacht gegrinnik naast mij haalt mij uit mijn tirade. Ik zie de juf nerveus bladeren in haar paperassen, op zoek naar nóg betere argumenten om haar besluit te onderbouwen. Ik kijk mijn echtgenoot aan. Hij heeft een grote grijns op zijn gezicht. Oké, dit leidt nergens toe. Ik zak - nog na pruttelend- terug in mijn stoel, terwijl mijn echtgenoot in de rol van ‘good cop’ mijn optreden als ‘bad cop’ probeert te verzachten. De juf stottert iets van ‘ik denk er nog eens over na’. Dat gaat ze natuurlijk helemaal niet doen. We zijn voorgoed van die ouders die hun zoon koste wat kost op het VWO willen hebben. Terwijl hij van stripboeken houdt. Wat denken ze wel.